Hoofdstuk 6 · lichamelijk · sociaal

Fertiliteit en seksuele functie

Een puberteit die nooit volledig is voltooid, geeft een lichaam dat zich nooit volledig heeft kunnen seksueel ontwikkelen. Wie als kind aan puberteitsremmers begint en doorstapt naar cross-sex hormonen — wat in vrijwel alle reeksen het overgrote merendeel doet — is op volwassen leeftijd vrijwel zeker infertiel en heeft een seksuele functie die afwijkt van wat een natuurlijke ontwikkeling zou hebben opgeleverd.

Waarom raakt dit de fertiliteit?

Spermatogenese en folliculogenese — de productie van zaad- en eicellen — vereisen een functionerende hormoonas en geslachtsklieren die zich in de puberteit volledig hebben uitgerijpt. Bij jongens betekent dat groei van de testes, uitrijping van Sertolicellen en de aanvang van zaadcel-productie rond Tannerstadium 3. Bij meisjes: cyclische follikelrijping na menarche, met progesteron- en oestrogeenrespons-circuits die zich pas in de loop van jaren stabiliseren.

Wie vanaf Tannerstadium 2-3 wordt geremd en op 16 jaar overstapt op cross-sex hormonen, heeft geen volledige spermatogenese of folliculogenese doorlopen. De geslachtsorganen zijn op het moment van overstap doorgaans pre-puberaal van omvang. De inhaal-puberteit die normaliter na staken van GnRH-agonisten zou plaatsvinden, gebeurt nooit — want de overstap is naar het andere geslacht-hormoon, niet naar het eigen.

De praktische consequentie

Wie tussen 10 en 13 jaar aan GnRH-agonisten begint en op 16 jaar cross-sex hormonen krijgt, kan in vrijwel geen geval cryopreservatie van geslachtscellen ondergaan, omdat er geen rijpe gameten zijn. Cryopreservatie vereist een (vrijwel) voltooide puberteit. De Dutch Protocol-route sluit dat venster.

Wat zegt het Amsterdamse team daar zelf over?

In voorlichtingsmateriaal en informed-consent-procedures wordt fertiliteitsverlies wel besproken, maar de inschatting van hoe goed minderjarigen dit kunnen begrijpen — en hoe definitief het is — verschilt. Verschillende ex-patiënten (waaronder publiek gedocumenteerd: Keira Bell in het VK; in Nederland o.a. via Genspect NL en getuigenissen aan de Tweede Kamer in 2024) hebben verklaard dat ze als puber niet hebben begrepen wat ze opgaven, en dat het besef van wat infertiliteit betekent pas in de twintiger jaren — en vooral bij een latere kinderwens — volledig is doorgedrongen.

Dit raakt aan een ouder klinisch-ethisch principe: informed consent vereist niet alleen begrip van de feiten, maar ook van de levens-betekenis van die feiten. Voor een twaalfjarige is 'jij krijgt later geen biologisch eigen kinderen' geen feit met de gevoelswaarde die het op je dertigste heeft.

"I'm not the same person I was. I don't have a future as a mother. I made a decision as a child, with adults who reassured me. I should have been protected from that decision."

— Keira Bell, ex-Tavistock-patiënt, getuigenis voorafgaand aan Bell v. Tavistock (2020)

Seksuele functie

Seksuele functie is geen lijst van technische capaciteiten maar een ontwikkelingstraject. Erectie, lubricatie, orgasme en seksueel verlangen ontwikkelen zich in de adolescentie onder hormonale invloed, in interactie met emotionele en sociale ervaringen. Wie de puberteit medicamenteus stopt en doorgaat naar cross-sex hormonen, mist dat ontwikkelingstraject — niet alleen biologisch maar ook ervaringsmatig.

Concrete consequenties die in publicaties en patiëntenrapportages naar voren komen: bij MTF die vanaf Tannerstadium 2-3 zijn geremd, een sterk verkleinde penis op volwassen leeftijd (penile growth komt tijdens puberteit; uitblijven van puberteit = uitblijven van groei). Voor vaginoplastiek betekent dit dat de standaard-techniek met inversie van de penisschacht onvoldoende weefsel oplevert. Alternatieve technieken (peritoneaal, darm-flap) hebben hun eigen complicatieprofielen. Bij FTM zijn de gevolgen voor genitale anatomie minder uitgesproken maar de ervaring van seksuele responsiviteit eveneens beïnvloed.

Anorgasmie of verminderde orgasme-capaciteit is in patiëntenrapportages een herhaald motief — zowel bij geremde MTF als bij FTM. Systematische klinische metingen ontbreken voor deze populatie; het is een van de minst onderzochte langetermijneffecten.

De informed-consent-paradox

Hier zit de kern van het probleem. Om geldig toestemming te kunnen geven voor een interventie die fertiliteit en seksualiteit raakt, zou een patiënt moeten begrijpen wat fertiliteit en seksualiteit voor het volwassen leven betekenen. Maar precies door op kinderleeftijd in te grijpen, ontneemt men de patiënt de ervaring die nodig is om dat te begrijpen. Het is een logische cirkel die geen procedurele oplossing kent.

In andere medische beslissingen die fertiliteit raken — chemotherapie bij kanker bijvoorbeeld — wordt cryopreservatie standaard aangeboden waar mogelijk, juist omdat het kind die afweging op volwassen leeftijd nog moet kunnen maken. Bij puberteitsremmers gevolgd door cross-sex hormonen verdwijnt die optie. Dat verschil is medisch-ethisch substantieel en wordt in de voorlichting niet altijd in volle scherpte gepresenteerd.

Bronnen

Cheng P.J. et al. — Fertility concerns of the transgender patient. Translational Andrology and Urology, 2019.

Nahata L., Tishelman A.C., Caltabellotta N.M., Quinn G.P. — Low Fertility Preservation Utilization Among Transgender Youth. Journal of Adolescent Health, 2017.

Levine S.B., Abbruzzese E., Mason J.W. — Reconsidering Informed Consent for Trans-Identified Children, Adolescents, and Young Adults. Journal of Sex & Marital Therapy, 2022.

Bell v. Tavistock and Portman NHS Foundation Trust, [2020] EWHC 3274 (Admin) — over Gillick-competentie bij minderjarigen en puberty blockers.

Cass H. — Independent Review, eindrapport (april 2024), hoofdstuk over fertiliteit en lange-termijn-fysieke gevolgen.

Volgende stap

Het Dutch Protocol — ontstaan en kritiek → Het Dutch Protocol