Injectiefrequentie puberteitsremmers: 1-, 3- of 6-maandelijks?
Puberteitsremmers zijn er als 1-, 3-, 4- en 6-maands depot. Welke frequentie wordt gekozen en waarom?
Door Redactie puberteitsremmers.nl
· 9 juni 2026
GnRH-agonisten worden meestal gegeven als depot-injectie. De microsferen- of microcapsule-formulering geeft het werkzame peptide langzaam af, gedurende 1 tot 6 maanden. Welke frequentie wordt gekozen, hangt af van het middel, de leeftijd van de patiënt, en de mate van onderdrukking die wordt bereikt.
3-maands depot: de standaard
In de Nederlandse jeugd-genderzorg is een 3-maands depot van triptoreline (Decapeptyl 11,25 mg) de meest voorkomende vorm. Voordeel: voldoende frequentie om onderdrukking te garanderen, beperkt aantal injecties per jaar (vier in totaal), en bij eventueel stoppen is binnen 3-4 maanden de hormonale as weer actief.
1-maands depot: bij ontoereikende onderdrukking
Soms blijken bij 3-maands depot toch LH/FSH-waarden boven de pre-puberale grens. Dan wordt gewisseld naar een 1-maands schema. Dit gebeurt vaker bij grotere adolescenten met hogere lichaamsgewichten, waar de depot-concentratie sneller uitgewerkt is.
6-maands depot: voor adolescenten ongebruikelijk
6-maands depots (zoals Eligard 45 mg leuproreline) worden vooral gebruikt bij volwassen prostaatkanker-patiënten. Bij adolescenten worden ze niet routinematig ingezet — onder andere omdat 6 maanden te lang is voor de fijne dosis-aanpassing die bij groeiende jongeren nodig kan zijn.
Implantaten: 12 maanden
Histreline-implantaten (Supprelin LA) geven 12 maanden lang werkzaam peptide af. In de VS frequent gebruikt, in Nederland en de meeste Europese landen niet regulier.
Monitoring tussen injecties
Standaard wordt elke 3-6 maanden bloed afgenomen voor LH, FSH, testosteron en oestradiol. Bij onvoldoende onderdrukking volgt aanpassing van frequentie of middel. Daarnaast jaarlijkse DXA-scan voor botdichtheid en groeicurve.
Meer artikelen in deze categorie
Monitoring tijdens behandeling met puberteitsremmers
Welk bloed- en beeldvormend onderzoek wordt tijdens behandeling met puberteitsremmers uitgevoerd? Een overzicht van labwaarden, DXA-scans en groeicurves.
Informed consent voor puberteitsremmers bij minderjarigen — wat hoort erin?
Off-label gebruik van puberteitsremmers vraagt schriftelijke informed consent. Wat moet daar volgens KNMG en internationale richtlijnen in staan?
Dosering puberteitsremmers bij adolescenten met genderdysforie
Welke doseringen worden gangbaar gegeven en op welke onderbouwing? Een overzicht van de meest gebruikte schema's bij triptoreline, leuproreline en goseroline.
Bijwerkingen puberteitsremmers op korte termijn
Opvliegers, hoofdpijn, gewichtstoename, stemmingsschommelingen — wat zijn de korte-termijn bijwerkingen van puberteitsremmers?
Injectiefrequentie puberteitsremmers: 1-, 3- of 6-maandelijks?
Puberteitsremmers zijn er als 1-, 3-, 4- en 6-maands depot. Welke frequentie wordt gekozen en waarom?
Wanneer beginnen met puberteitsremmers: Tannerstadium 2-3 uitgelegd
Het Dutch Protocol start puberteitsremmers bij Tannerstadium 2 of 3. Wat betekenen die stadia en waarom is juist dit moment gekozen?